Moeten spuiten en willen slikken

Moeten spuiten en willen slikken

Jongeren met diabetes experimenteren net zo vaak met drugs als hun gezonde leeftijdsgenoten. Artsen moeten dat niet negeren en drugsgebruik openlijk bespreken.

Jongeren met diabetes leven niet in een brave ‘bubbel’. Ook zij blowen wel eens of slikken een xtc-pil. Dat wist kinderarts Kete Ramaker wel, maar toen een jonge patiënt haar vroeg wat xtc met zijn bloedglucosewaarden zou doen, viel de arts van het Amsterdamse diabetescentrum Diaboss (OLVG) toch even stil. “We namen als diabetesteam aan dat onze patiënten terughoudender zouden zijn vanwege hun aandoening. Dat blijkt niet te kloppen.” Uit een steekproef onder 62 jonge diabetespatiënten blijkt dat 29 procent tussen de 16 en 25 jaar maandelijks drugs gebruikt. Ongeveer net zo vaak als leeftijdgenoten. Met name xtc-pillen en blowen zijn populair. “Dat verraste ons.”

De drugsvraag kwam van Yesse (18). Toen hij vier jaar geleden de diagnose diabetes type 1 kreeg, nam hij zich één ding voor: “Ik wil niet dat diabetes mij iets in de weg staat en wil net zo’n actief leven als mijn vrienden. Het is al erg genoeg dat ik geen marinier meer kan worden door deze ziekte.” Yesse studeert inmiddels chemie, doet aan kickboksen en gaat graag naar technofeesten. “In die scene hoort het af en toe slikken van een pilletje er gewoon bij. Ik was daar vreselijk nieuwsgierig naar, maar wilde ook rekening houden met mijn diabetes.” Yesse zocht eerst naar informatie op internet, maar vond niets nuttigs. Daarna vroeg hij het zijn ouders. “Wij zijn thuis heel open en bespreken alles.” In eerste instantie begrepen zijn ouders hem niet. Hij was altijd zo fanatiek met sport en zijn lichaam bezig, daar passen drugs toch niet bij? “De eerste keer dat Yesse erover begon was hij 16”, vertelt moeder Karlien. “Toen vonden we hem nog veel te jong. Maar we snappen best dat hij ook wel eens helemaal uit zijn dak wil gaan.” En zo zaten Yesse en zijn moeder begin dit jaar bij dokter Ramaker. “Ik kon niet direct antwoord geven op zijn vraag, maar wilde zijn verzoek wel serieus nemen”, zegt Kete Ramaker en door na dat bezoekje de medische literatuur in. Ze kon nauwelijks informatie vinden. “Er zijn vier buitenlandse literatuurstudies waaruit blijkt dat tussen de 10 en 40 procent van de jongeren met diabetes uit Italië, Engeland, Spanje en Polen maandelijks drugs gebruikt.” Dat cijfer komt overeen met de kleine steekproef die haar team vervolgens opzette. Om de Nederlandse situatie beter in beeld te krijgen start Diaboss samen met verslavingskliniek Jellinek een breder Nederlands onderzoek naar drugsgebruik onder deze jongeren.

Het gros van Ramakers patiënten heeft diabetes type 1 – ook wel jeugddiabetes genoemd. Deze jongeren meten een paar keer per dag hun bloedsuikerspiegel en spuiten zelf meermaals insuline. “Mensen realiseren zich niet hoe hard deze kinderen werken. Het is net een baan”, zegt Ramaker. “Ze moeten zich 24 uur per dag met hun ziekte bezig houden. Heel begrijpelijk dus dat ze net als hun vrienden eens uit de ban willen springen, uit willen of gaan experimenteren. Daar moet je als dokter de ogen niet voor sluiten.” Op dit moment wijzen artsen vooral op de gevaren van roken (slecht voor hart- en bloedvaten) en alcohol (met als gevolg een heel hoge en daarna juist heel lage bloedsuikerspiegel). Drugs is nauwelijks onderwerp van gesprek in de spreekkamer. Dat is verkeerd, vinden ze bij Diaboss.

“Door het niet te bespreken, verdwijnt de hang naar drugs en experimenteren niet”, zegt diabetesverpleegkundige Marion Tillman. Volgens haar moeten hulpverleners alert zijn of jongeren met drugs bezig zijn. Zij let nu extra op sterk schommelende bloedglucosewaarden, stemmingswisselingen, dalende schoolprestaties of problemen thuis. “Ik ben alert op deze signalen en richt me tijdens het consult niet alleen op medische aspecten, maar kijk breder hoe het met de jongere gaat. Ik vraag heel losjes, zonder te moraliseren, of iemand met drugs bezig is en hoe hij of zij dat doet. Dan heb je al snel een gesprek en kun je tips en adviezen geven. Wij promoten drugs absoluut niet, maar willen deze jongeren begeleiden het zo veilig mogelijk te doen.” Bij Diaboss geven zij sinds kort handreikingen, maar alle jongeren met diabetes in Nederland moeten deze informatie kunnen vinden. Op de website van Jellinek staat sinds deze week specifieke informatie over drugs en diabetes en binnenkort overleggen Diaboss, Jellinek en de Nederlandse Diabetes Federatie op welke wijze jongeren het beste voorgelicht kunnen worden.

Jongeren moeten weten wat drugs kunnen doen met de diabetes, vertelt verslavingsarts Loes Hanck van Jellinek. “Bijvoorbeeld dat cannabis bij diabetespatiënten het beoordelingsvermogen vermindert en de eetlust enorm laat toenemen. Daar moet je rekening mee houden.” Hanck waarschuwt voor het gevaar van opwekkende middelen als xtc. “Dit middel versnelt de stofwisseling in het lichaam, waardoor je een hypo – te lage bloedsuikerspiegel – kunt krijgen. Een te hoge bloedsuikerspiegel kan ook een effect zijn en dan loop je het risico dat je bloed verzuurt wat kan leiden tot ernstig ziek worden en een coma.” Tot slot zegt Hanck dat je bij xtc gebruik een vochtophoping in de hersenen kunt krijgen en een tekort aan natrium of watervergiftiging. “Dat komt omdat op deze feesten veel water wordt gedronken. Allemaal extra gevaarlijk als je diabetes hebt.”

Yesse is niet bang dat hij ziek wordt van de drugs. “Ik test altijd van te voren bij de Jellinek of de pil zuiver is. Ook op internet staat veel informatie over betrouwbare pillen.” Verder volgt hij de tips van zijn arts op. Zo neemt hij altijd zijn bloedglucosemeetapparaat en veel druivensuiker mee. En hij kijkt bij binnenkomst op een feest waar de EHBO-post zit. Verder drinkt Yesse geen alcohol (“nooit behoefte aan gehad”) en drinkt hij niet te veel zoete drankjes. “Met xtc ben je niet zo beneveld als met blowen of alcohol. Je blijft alert, dus ik vergeet mijn diabetes heus niet. Dat zit altijd in mijn achterhoofd.” De belangrijkste tip vind ik om een nuchter maatje mee te nemen. “Een van mijn vrienden is altijd de bob. Dat geeft een veilig gevoel. Pas ging ik helemaal op in het dansen en tikte hij op mijn schouder. Ik moest van hem even gaan meten. Dat is toch top.” Inmiddels heeft Yesse een paar keer xtc gebruikt. “Ik vind het geweldig. Je beleeft zo’n feest toch heel anders. Ik heb meer plezier, ben vrolijker, voel me gelukkiger en het is nog nooit mis gegaan.” Ook zijn ouders zijn niet langer bezorgd. “Yesse gaat er serieus mee om en we zien dat het goed gaat. Maar dat hij al iets vaker heeft gebruikt, hoor ik nu wel voor het eerst”, zegt zijn moeder met een knipoog.

15 procent blowt
Uit onderzoek van het Trimbos Instituut (2014) blijkt dat 15 procent van alle jongeren van 15-19 jaar in het voorafgaande jaar heeft geblowd en driekwart alcohol heeft gedronken. Van deze jongeren gebruikte 2,4 procent xtc, 1 procent cocaïne en 1 procent amfetamine. Onder twintigers ligt het gebruik van drugs en alcohol hoger. Op party’s, festivals en in discotheken drinkt bijna iedereen alcohol, 34 procent slikt regelmatig een xtc-pilletje, 21 procent rookt cannabis.

Posted on: juni 2, 2016Dana Ploeger

Geef een reactie