Niemand mist Jip

Niemand mist Jip

Naast me borrelt en bubbelt de pomp van het aquarium. Een rustgevend geluid tijdens het schrijven. Hier woont Jip, ons nieuwe huisgenootje. Na een ellenlang zeurproces is hij de uitgekomen hartenwens van onze jongste. Een schildpadje was echt haar aller, allerliefste lievelingsdier. Weinig aaibaar, maar zo aandoenlijk. En nu zwemt hij de hele dag rond in zijn bak. Tussen de bedrijven door observeer ik hem. Hij rekt zich geregeld uit met een poot naar voren of ligt loom op zijn eiland van boomschors onder de warmtelamp. Zijn schattige kopje met gele wangetjes piept uit het schildje als hij iets hoort. Na een paar weken herkent hij mijn dochter als ze met het plastic busje schildpaddenvoer aan komt. Dan duikt hij plots het water in en zwemt driftig heen en weer voor het glas, tot hij de korrels van garnalen, meelwormen, vlo-kreeftjes en visjes krijgt. Het leven van Jip is goed.

Voor we aan de schildpad begonnen, bestudeerde ik diverse websites: ‘Schildpadden zijn populaire huisdieren. Zorg voor een ruim genoeg verblijf. Het zijn alleseters; ze houden van rauwe vis en vlees.’ Alle verzorgingstips namen we serieus. Het zinnetje ‘realiseert u zich wel dat kleine schildpadjes groot worden – en oud!’ las ik ook, zijdelings. Na een jaar begrijp ik heel goed wat ze bedoelden. Jip groeit namelijk in korte tijd bijzonder hard. Van een schattig klein schildje tot een reusachtige pad, die hele brokken rauwe zalm wegschrokt en steeds klem zit tussen het eiland en de decoratiestenen. We nemen maatregelen. De grote stenen eruit, wat plastic waterplanten weg en geven we hem niet te veel voer?

Bekenden en familie bekijken de bak inmiddels vol afkeuring. In plaats van het vertederde ‘aaah, wat schattig’ klinkt steeds vaker ‘aaah, wat zielig’. We besluiten dat het tijd is voor een groter verblijf. Maar dat betekent een bak van 1,5 meter breed, zijn huidige woning is al bijna een meter. Enige weerstand bekruipt me. En als een buurman vertelt dat een schildpad met zijn bak meegroeit, dus bij een groter verblijf binnen de kortste keren weer klem zit, komen de twijfels. Hebben we ons misschien vergist? Is het eigenlijk wel een gezellig huisdier? Zo’n groen, zwemmend schildje dat twee keer per dag korrels krijgt. En dan die stinkende bak, een schildpad produceert namelijk eindeloos veel poep. Het aquarium ligt binnen twee weken bedekt met een laag bruingroene derrie. En het schoonmaken is een hele heisa.

En zo transformeert Jip van een aandoenlijk lievelingsdier tot een stinkend, schonkig en regelmatig klemzittend watermormel. Mijn dochter (10) is inmiddels totaal afgeleid door twee babypoesjes, die onverwachts bij ons zijn geboren. Want zeg nou zelf. Een schildpad achter glas of uberzachte babypoesjes? En met een verhuizing voor de deur, dringt langzaam het besef tot ons door: we hebben een dier aangeschaft, waar we eigenlijk te weinig van afweten en die ons teleurstelt. Precies waar al die dierensites voor waarschuwen: ‘Laat mensen eerst eens goed nadenken voordat ze een dier nemen. Een dier neem je immers niet voor even, maar voor zijn hele dierenleven!’ En een gemiddelde schildpad wordt zo’n 40 tot 60 jaar oud.

Ik schaam me, Jip wordt steeds mee een sta-in-de-weg. We bespreken de situatie aan tafel en komen tot de conclusie dat hij misschien beter af is bij een ware schildpaddenliefhebber. Ook mijn dochter bekend: “Ik vind Jip eigenlijk niet meer zo leuk.” We voelen ons schuldig en rot. Maar kennelijk niet rot genoeg om hem te houden. De volgende dag staat Jip op Marktplaats: ‘Mooie lieve schildpad van 1 jaar oud. Gratis af te halen onder voorwaarde dat hij een groot onderkomen krijgt.’ Na een maand heeft nog niemand gereageerd. Jip blijft waar hij zit en het wordt er niet beter op. We vragen geregeld aan vrienden en kennissen of die hem misschien willen verzorgen, maar Jip is nergens welkom.

Bestaat er niet zoiets als een schildpaddenopvang. Net als voor zeehondjes. Of kan je een schildpad gewoon naar het asiel brengen? Een vriendin uit Utrecht zegt dat hij wel bij haar in de gracht kan, daar zwemmen er meer. Maar op site van de Dierenbescherming lees ik: ‘Schildpadden komen van nature niet in Nederland voor, dus als u een schildpad in een sloot aantreft, is dat dus altijd een gedumpt huisdier. Het is niet dierwaardig om dieren zomaar te dumpen in de natuur.’ Ja, ja. Ik snap het. We zijn onmensen, dierendumpers.

Uiteindelijk stuit ik op een schildpaddencentrum in Alphen aan de Rijn, waar ze ongewenste sschildpadden opnemen. Ik stuur meteen een mailtje en diezelfde zaterdag mag hij om 11 uur komen. Terplekke moet je 42,50 euro pinnen voor alle onkosten. We krijgen nog wat vervoerstips (droge, donkere box zonder water, want daar krijgt de schildpad stress van) en dan rijden we met Jip naar de opvang. We worden warmhartig ontvangen en krijgen uitgebreid uitleg over hoe het Jip zal vergaan. Maar eerst moet hij onderzocht. Hij blijkt gelukkig gezond, ziet er goed uit en is een meisje! We moeten er een beetje om grinniken. De verzorgster vertelt dat ze nog best klein is, ze zal nog zeker twee keer zo groot worden. Tjonge. Dan komt het afscheid. Mijn dochter kijkt nog een keer en zegt: “Dag Jip.” Dan verdwijnt ‘ie in quarantaine en wordt over twee weken op zondag uitgezet bij de andere schildpadden. Dat gebeurt met speciale duikers, om ze voorzichtig te begeleiden in de diepe vijver – iets dat ze niet gewend zijn.

Bij de prijs inbegrepen zit een bezoekje aan de opvang en we bekijken het toekomstige thuis van Jip. Duizend vierkante meter schildpaddenparadijs. We zien grote eilanden met daarop tientallen schildpadden, zonnend onder warmtelampen. Overal vijvers, bassins en veel waterplanten. Het is er lekker warm. “Hier gaat ‘ie het vast fijn krijgen, met zoveel vriendjes”, zegt mijn dochter gerustgesteld. In het winkeltje kopen we een schildpaddensleutelhanger – als aandenken. Twee weken later denken we op zondag nog even aan Jip. Nu wordt ze uitgezet bij haar vrienden. Verder komt ons tijdelijke huisgenootje eigenlijk nooit meer ter sprake. Want eerlijk is eerlijk. Niemand mist Jip.

Posted on: mei 15, 2016Dana Ploeger

Geef een reactie